Schuttevaer Panel: ‘Voldoende draagvlak’ voor reddingsvest

Zeker een derde (38%) van de 198 deelnemers in het Schuttevaer Panel over het dragen van een reddingsvest aan boord heeft daar nog moeite mee. Een kleine minderheid van 5% vindt het dragen van een reddingsvest zelfs ‘nergens voor nodig’. Ruim de helft zegt het reddingsvest volgens voorschrift te dragen. Ruim 17% omdat het moet en bijna 40% maakt die keus bewust uit lijfsbehoud.

Schuttevaer Panel: ‘Voldoende draagvlak' voor reddingsvest

Door Dirk van der Meulen
Vragen over het dragen van een reddingsvest aan boord werden op internet gesteld aan het 360 leden tellende Schuttevaer Panel. Volgens het Rijnvaartpolitiereglement (RPR, artikel 1.08 lid 6) is het dragen van een reddingsvest verplicht bij valgevaar, bij verblijf en werkzaamheden buiten boord, aan dek of in de gangboorden op binnenvaartschepen zonder reling. En hoewel nog niet verplicht geldt ook in het Binnenvaartpolitiereglement (BPR, artikel 1.04) dat de schipper alle voorzorgsmaatregelen moet treffen. Vanaf 1 januari 2016 wordt die zorgplicht op beroepsvaartuigen ook in het BPR omgezet in een verplichting.

‘Ik geloof dat er voldoende duidelijkheid en draagvlak is voor het juiste gebruik van reddingsvesten, maar kan ook zien dat er in het dagelijkse gebeuren nog wel eens vergeten wordt een vest te dragen’, vat één van de paneldeelnemers de situatie samen. Het dragen van reddingsvesten en nieuwe technieken voor het snel terugvinden van drenkelingen komen ook aan de orde in de 20e Telematicadag, woensdag 30 december in het KSCC Schipperscentrum in Nijmegen.

Weerstand gering

Het Schuttevaer Panel toont weinig weerstand tegen het verplicht dragen van een reddingsvest. Nog geen 5% vindt het nergens voor nodig en stemt in met de stelling ‘Nee, nergens voor nodig, de regelgeving is doorgeslagen, we worden teveel betutteld. Wie een reddingsvest wil dragen doet dat, wie het risico wil lopen te verdrinken doet dat ook maar’.

Eén van de weinig genoemde motieven ‘tegen’ is dat het op een tanker binnen de relingen niet nodig is. ‘De regelgeving is inderdaad doorgeslagen, maar gezond verstand prevaleert’, vindt een schipper. Zijn collega vindt reddingsvesten levensgevaarlijk: ‘Je blijft overal achter haken. Dit verplicht dragen komt door de gevaarlijke capriolen die ze op de grote schepen uithalen. Zoals op het randje van de bergplaat lopen om de kop te boenen.’ Op de nadelen wijst iemand anders ook: ‘Zoals het blijven haken in gangboorden, die steeds smaller worden met een hogere den.’ Een ander stelt: ‘Onhandig met het bewegen aan boord en dus niet altijd handig.’

Een tankvaarder zegt voorstander te zijn van een verplicht reddingsvest, maar heeft ook z’n bedenkingen: ‘Tijdens vastmaken en losmaken en bij werken buiten de reling verplichten, maar het is onzin dat wanneer je stil ligt en aan dek loopt. Daar moeten ze niet te zwaar aan tillen. Hou het veilig, maar zeker werkbaar. Er verdrinken jaarlijks meer recreanten langs en op het water dan in de beroepsvaart. We zijn allemaal mensen ongeluk zit in een klein hoekje. Je kunt het niet altijd voorkomen’

‘Vooral in de wintermaanden lijkt mij dit een goede aanvulling, zeker als je aan de randen van het schip doende bent’, vindt een ander die regelmatig aan boord is. ‘Echter, ik vind de maatregel eigenlijk best wel doorgeschoten. Het lastige is dat in pure werksituaties er "ineens" heel andere eisen gelden dan wanneer je voor je werk ook in meer publieke situaties werkzaam bent. Als ik voor mijn werk naar kantoor ga of op zakenreis ben, is er ook risico op aanrijding. Toch wordt er dan niet van mij verwacht dat ik een valhelm of extra bescherming draag. Ik enk dat statistisch de kans op een ongeval daarbij aardig in de buurt komt van een bedrijfsongeval. Los van alles, is het goed om je telkens af te vragen of het voldoende veilig is wat je doet.’

Nogal eens vergeten

Bij een niet gering percentage (38%) zit het dragen van een reddingsvest nog onvoldoende tussen de oren. ‘Het zou wel moeten, maar ik vergeet het nogal eens. Het is geen automatische handeling’, is de stelling waarachter deze groep zich terugtrekt. ‘Ook hier is meestal de mens de zwakste schakel’, filosofeert een paneldeelnemer. ‘Als we in onze vrije tijd aan boord zijn of van boord gaan dragen we het dus nooit. Tijdens laden en lossen als het gevaarlijk is. Onder het varen met schoonmaken. En bij vorst en andere gladheid als we naar buiten moeten. Vergeleken met 20 jaar geleden dus best vaak’, realiseert een schipper zich. Een ander zegt: ‘We lopen makkelijk even nar buiten en vergeten het dan aan te trekken.’

‘Een reddingsvest moet bij eventueel gevaar, hoeft dus niet altijd. Op de Franse Moezel heb ik een waarschuwing gekregen omdat ik geen reddingsvest droeg toen ik op mijn brug buiten stond. Soms gaat het te ver met de betutteling. Misschien zouden alle vaarweggebruikers altijd reddingsvesten moeten dragen, dus ook recreanten.’ Een andere schipper reageert: ‘Bij het aan- en afmeren vergeet ik het niet, maar wel tijdens de onverwachte "tussendoortjes".’ Of daar ook het ‘tijd is geld credo’ bij hoort dat een collega-schipper aanhaalt?

In de pleziervaart wordt het minder als een plicht gezien. ‘Alleen bij ruw weer’, zegt een recreatievaarder. ‘Ik moet eerlijk zeggen dat mijn vrouw en ikzelf zelden een reddingsvest dragen’, bekent een recreatieschipper. Het is moeilijk mensen te overtuigen, vindt een ander: ‘Vooral ’s zomers, als het erg warm is. Reddingsvesten schuren dan extra op de huid.’

Een instructeur op grote motorjachten kampt met net zo’n probleem: ‘Op jachten geldt volgens de Nederlandse wet alleen dat personen en minderjarigen die geen zwemvaardigheidsbewijs hebben, verplicht zijn een zwemvest te dragen. Als instructeur kan en mag ik daardoor de mensen niet verplichten tot het dragen van een vest. Als deze amateurs dat al niet hoeven, hoe verklaar ik dat dan aan beroepsvaart?’

‘Wij moeten ze dragen, zelfs in de zomer. De pleziervaart blijkbaar niet’, valt een beroepsvaarder op. Schippers melden dat hun matroos aan dek altijd een reddingsvest draagt. Tekenen is soms verplicht.. ‘In de winterdagen ook een drijfjas met daarover een reddingskraag.’

Veel schippers vinden het vooral wennen. ‘Het moet meer een automatisme worden’, reageert iemand. ‘Eerst in het begin wennen, nu is het gewoon. Alleen de sluiting is waardeloos. Eerst was het "klik" en hij zat vast.’ Een ander bekent: ‘Wij moeten er aan wennen, maar we proberen het altijd te dragen.’ En ook reageert iemand: ‘Het is uiteraard een meerwaarde, maar zoals de veiligheidsgordel in de auto zal het ingeburgerd moeten raken.’ Een ervaren schipper is zich wel degelijk bewust van de noodzaak, maar: ‘Na 45 jaar is de omstelling een lange weg’.

Teveel ongelukken

‘Er gebeuren nog teveel ongelukken zonder reddingsvesten’, vindt een paneldeelnemer. Een gewezen toezichthouder zegt veel verdrinkingsgevallen te hebben meegemaakt. Een ander: ‘Het is allang bewezen dat het reddingsvest levens redt. Goed dat de havendienst en politie erop let en je erop aanspreekt.’ Iemand anders meldt: ‘Hierop controleren wij elkaar. Ieder kan het wel eens vergeten, maar wordt daar dan direct op geattendeerd.’ En overigens goed dat het onderwijs zoveel doet aan bewustwording.

In de vaart wordt serieus getracht zich aan het verplichte reddingsvest te houden, merkt iemand op. Een ander: ‘Het wordt redelijk goed nageleefd.’

‘Ik heb van oudsher geleerd niet aan dek te gaan onder het varen. Het schip boenen en andere werkzaamheden aan dek onder het varen moesten gelijk verboden worden, net als veel te smalle in hoogglans staande gangboorden’, vindt een kritische paneldeelnemer.

Een cineast die nogal eens op schepen van Rijkswaterstaat komt, heeft geen keus: ‘Aán dat reddingsvest!’ Iemand weet dat in de zeevaart bij veel rederijen reddingsvesten altijd worden gedragen tijdens het voor en achter maken. ‘Dus terwijl men binnen de reling en verschansing werkt. Er is altijd een mogelijkheid om uit te glijden, evenwicht te verliezen als men over de boeiing of reling hangt om naar bijvoorbeeld de scheepshuid buiten boord of de ijk te kijken.’

Paneldeelnemers komen ook met tips voor nog veiliger reddingsvesten: ‘Integreren in een bodywarmer komt het draagcomfort zeker ten goede. Alleen moet de prijs dan wel ongeveer gelijk blijven, omdat de vesten jaarlijks vervangen worden door slijtage.’ Iemand ander stelt: ‘Als je een goed vest draagt, hindert dit niet.’ Of: ‘Je vergeet dat je er één aan hebt met die moderne, automatisch vullende vesten. Geen probleem.’ Een ander wijst op het belang van periodiek keuren: ‘Twee jaar geleden weigerde er één ondanks keur. Gelukkig was het een test.’