Schuttevaer

Zoet, Zout & Zakelijk
Schuttevaer Premium

Importeurs bouwen zelf Stage V-dieselmotoren

Bunnik

Nederlandse motoren-importeurs gaan zelf scheepsmotoren (om)bouwen en certificeren volgens de nieuwe Europese NRMM-standaard (‘Stage V’). Omdat niet-Europese fabrikanten daar geen heil in zien, dreigde een tekort aan zware binnenvaartmotoren. Naar verluidt zien zeker twee leden van de branchevereniging VIV kans, met goedkeuring van overheidsorganen RDW en ILT en ondersteund door TNO, als fabrikant de markt op te gaan.

  • Zeker twee VIV-lidbedrijven worden motorfabrikant voor NRMM-certificering
  • EBU blijft pleiten voor EPA Tier 4 als standaard

Door Dirk van der Meulen
In een ‘Position Paper’ beschrijft het VIV -bestuur de invoering van Stage V (NRMM 2016/1628)  per januari 2019 als onontkoombaar: ‘De regelgeving is tot stand gekomen middels een democratisch proces in Europees verband. En is daarmee bindend voor de VIV.’ 

EBU wil EPA Tier 4
De European Barge Union (EBU) blijft fel gekant tegen de NRMM-regelgeving, met name voor de grotere binnenvaartschepen met motoren boven de 570 kW. Ook met de specifieke eisen voor motoren in tankschepen is volgens de EBU geen rekening gehouden. ‘Tot nu toe kon nog geen enkele fabrikant de sector adequate oplossingen bieden’, stelt de Europese koepel van binnenvaartorganisaties in een persbericht. 
De EBU maakt zich al vanaf de eerste onderhandelingen over de NRMM zorgen over de gevolgen die de richtlijn heeft voor de voortgang van vergroening in de sector. Om de gang erin te houden pleit de organisatie er opnieuw voor de NRMM af te stemmen op de (Amerikaanse) EPA Tier 4 standaard voor binnenvaartmotoren. ‘Deze motoren worden op wereldschaal gebouwd en zijn volop beschikbaar.’ Volgens de EBU wordt de hele binnenvaartsector anders door slechte regelgeving teruggezet qua innovatie.  

Uitdagingen groot
Voor de VIV is het ook nog geen gelopen race: ‘De uitdagingen van het invoeren van de regelgeving voor diverse toepassingen, zoals treinen en schepen, zullen zonder meer groot zijn. Toch verwacht de VIV dat er voldoende ruimte is binnen de regelgeving om via de lidbedrijven binnen zeer afzienbare tijd motoren voor onder meer de scheepvaart op de markt te kunnen brengen die voldoen aan de gestelde eisen.’ 
Het afgelopen jaar heeft de VIV met het innovatiecentrum EICB  de handen ineen geslagen en namens 14 importeurs van scheepsmotoren onderzocht of het haalbaar is om als bedrijven zelf motoren te laten certificeren. Hierbij is contact gezocht met alle betrokken overheden en keuringsinstanties. ‘De overheid is er veel aan gelegen voldoende gecertificeerde motoren beschikbaar te krijgen voor de markt, om zo de noodzakelijke en gewenste vergroening van de binnenvaart te bereiken’, aldus de VIV. De overheid verleende daarom alle medewerking aan het onderzoek. 
Tevens slaagden de VIV en EICB erin om in dit onderzoek alle betrokken partijen, van overheid tot uiteindelijke certificeringsinstantie, om tafel te krijgen. De uitkomst van dit project, waarvan maandag 3 december aan de deelnemende partijen de eindrapportage is gepresenteerd, is volgens het VIV-bestuur veelbelovend. ‘Hieruit blijkt dat er voldoende ruimte zit binnen de regelgeving om Stage V-gecertificeerde motoren op de markt te zetten.’ 

Complete range
Daarnaast is het ook toegestaan Euro VI-gecertificeerde vrachtwagenmotoren en NRE Stage V-gecertificeerde industriemotoren binnen de Stage V toe te passen in bijvoorbeeld treinen en schepen. Dit biedt een oplossing voor motorvermogens tot 560 kW. De VIV heeft van zijn lidbedrijven diverse signalen ontvangen dat voor de gehele range en in het bijzonder voor de vermogens >560 kW binnen 2,5 jaar eveneens gecertificeerde motoren beschikbaar komen. ‘Hierdoor is er weer een compleet palet aan vermogens beschikbaar voor alle toepassingen’, aldus het VIV-bestuur. 
Stage V voorziet in een overgangsregeling die toestaat dat motoren van de vorige emissieregelgeving nog 18 maanden verkocht en geïnstalleerd mogen worden. Dat houdt in dat deze motoren nog tot minimaal halverwege 2020 beschikbaar zijn en voor de binnenvaart zelfs tot halverwege 2021. Dit alles onder voorwaarde dat de motoren voor de ingangsdatum van hun toepassing in Stage V geproduceerd zijn. Daarmee is er naar de mening van de VIV voldoende tijd beschikbaar om Stage V-gecertificeerde motoren in de markt te zetten. 

Reacties

Om te reageren op dit bericht moet u ingelogd zijn. Klik hier om in te loggen. Indien u nog geen account heeft kunt u zich hier registreren om te kunnen reageren op Schuttevaer.nl. Uw reacties worden altijd ondertekend met uw volledige persoonsnaam.

Er zijn nog geen reacties op dit artikel.

Lees ook