Rotortugs veroveren de wereld

Je vindt ze in havens in alle werelddelen. Tot voor kort ontbraken ze alleen nog in de Verenigde Staten, maar hier zijn nu ook de eerste Rotortugs actief. Het is 20 jaar geleden dat naar een idee van Ton Kooren de eerste sleepboten met drie voortstuwers op stapel werden gezet. Hierna was het enige tijd stil, maar vanaf 2005 kwamen er jaarlijks nieuwe Rotortugs bij. Weldra zal hun aantal de 50 zijn gepasseerd.

Rotortugs veroveren de wereld
  • Na langzame start heeft concept Ton Kooren zich bewezen

  • Ontwerp verbeterd door bureau Robert Allen

Door Paul Schaap
Met Port Everglades als thuishaven is Seabulk Towing uit Fort Lauderdale in de Verenigde Staten als eerste Amerikaanse reder met rotortugs aan de slag gegaan. De jongste vlootaanwinst is Trident gedoopt en is de eerste van een serie van drie van het type ART 80-98US, die door Master Boat Builders in Bayou La Batra worden gebouwd. Binnenkort wordt nummer twee, de Triton, opgeleverd en in oktober nummer drie, de Trinity. Alle drie hebben ze een lengte van 30 meter en een trekkracht van 80 ton. Hun voortstuwing bestaat uit drie Caterpillar 3512C hoofdmotoren die elk een Schottel-roerpropeller aandrijven.

Kort voor de oplevering van de eerste Rotortug aan Seabulk Towing had deze Amerikaanse sleepdienst samen met Kotug International het samenwerkingsverband KSM Towage opgericht voor sleepdiensten bij de grootste olieterminal op het westelijk halfrond, de Buckeye Bahamas Hub in Freeport. Hiervoor worden vier nieuwe slepers ingezet, waaronder de rotortugs RT Blackbeard en RT Raptor van het type ART 80-32, ofwel Advanced Rotor Tugs met een trekkracht van 80 ton en een lengte van 32 meter.

Geen vervolg

Het was Kotug uit Rotterdam zelf die als eerste met het Rotortug-concept van Ton Kooren in zee ging. In 1997 werden hiervoor op twee Spaanse werven twee Rotortugs van het type RT 75-32 op stapel gezet. Een jaar later leverde de Freire-werf in Vigo de RT Magic en RT Spirit op en de Balenciaga-werf de RT Innovation en RT Pioneer. Trekpaarden met een trekkracht van 75 ton en een lengte van 32 meter. Het leverde zowel de bedenker van het concept als Kotug veel publiciteit op. De slepers bleken het uitstekend te doen, maar opvolging bleef een flink aantal jaren uit. Pas in 2005 zou de bouw van Rotortugs goed op gang komen. Naast Kotug, gingen ook de Duitse sleepdiensten Bugsier en URAG met dit type aan de slag. Later volgde ook Smit. Momenteel zijn in Europa Rotortugs te vinden in Bremerhaven, Rotterdam, Londen en Zeebrugge. En ook de Spaanse rederij Boluda heeft een Rotortug in haar vloot.

Via Kotug-dochter Elisabeth Ltd op Malta zouden er vervolgens bij werven in Singapore en Hongkong meer dan 20 Rotortugs worden gebouwd en vercharterd.

Samen met Teekay Shipping Australia en Kotug International werd in 2013 KT Marine Services Australia opgericht. Dit nieuwe bedrijf stationeerde zeven Rotortugs van het type RT 80-32 in Port Hedland, de grote exporthaven voor ijzererts in West-Australië. Verder kreeg in 2015 Rivtow Marine de beschikking over vier Rotortugs van het type ART 80-32 die eveneens in Port Hedland werden gestationeerd.

Maar ook in Azië en Afrika zijn intussen Rotortugs te vinden. Bij de Brunei LNG Terminal van Shell zijn er vanaf oktober 2014 drie actief en vanaf november 2015 twee in Maleisië. En in Afrika opereren vanaf januari 2013 één Rotortug in Limbe in Kameroen en sinds mei 2016 twee in Nacala in Mozambique.

Samenwerking

Het ontwerp werd ondergebracht bij Kooren Shipbuilding and Trading (KST), het latere Rotortug BV, in Rotterdam. In juni 2012 kwam het tot een strategische samenwerking tussen Rotortug BV en het ontwerpbureau Robert Allan uit het Canadese Vancouver om het Rotortug-concept nog verder te optimaliseren. Dit leidde er onder meer toe dat de type-codering RT (Rotor Tug) werd gewijzigd in ART (Advanced Rotor Tug). De eerste twee slepers met deze nieuwe codering waren de door Damen voor Kotug gebouwde hybride rotortugs RT Evolution en RT Emotion, beide van het type ART 80-32. Maar er volgen er nog meer. Zo bouwt Damen voor Serco de RT Tempest. Deze Rotortug wordt dit jaar opgeleverd en ingezet voor de assistentie van de nieuwe Engelse vliegdekschepen in de haven van Portsmouth.

En recentelijk heeft Damen een nog grotere order kunnen boeken. Voor Pilbara Marine, een dochter van de Fortescue Metals Group in Australië, mogen maar liefst zes Rotortugs van het type ART 85-32W worden gebouwd. Slepers met een trekkracht van 85 ton en een lengte van 32 meter die eveneens zijn bedoeld om te worden ingezet in de Australische ijzerertshaven Port Hedland. Damen laat dit zestal bouwen op de eigen Song Cam-werf in Vietnam en de oplevering staat gepland voor eind 2018 en begin 2019.

Krachtpatsers

Naast de ART-slepers met een trekkracht van 80 en 85 ton hebben Rotortug BV en Robert Allan een nog veel sterkere versie ontwikkeld. De ART 100-42, een krachtpatser met een trekkracht van 100 ton en een lengte van 42 meter. Hiervan zijn er intussen op de ASL-werf in Singapore drie gebouwd voor KT Marine Services Australia. Dit zijn de RT Beagle Bay, RT Roebuck Bay en RT Kuri Bay, die vanuit het West-Australische Broome voor Shell’s Prelude FLNG-project aan het werk gaan.

Deze drie Rotortugs worden infield support vessels genoemd en gaan LNG-tankers bij de drijvende Prelude LNG-fabriek van Shell assisteren.

En intussen staat er voor KT Marine Services Australia nog een dergelijk vaartuig op stapel. Dit wordt een Rotortug ART 100-46, een iets langere versie dan de voornoemde infield support vessels. Deze sleper staat bij de Damen-werf in Sharjah in de Verenigde Arabische Emiraten op stapel en wordt volgend jaar ingezet bij het Bayu Undan offshore-project van ConocoPhillips in de Timorzee.

Tot slot levert Scheepswerf Padmos in Stellendam binnenkort nog een mini-Rotortug op aan Rotortug BV. Deze sleper van het type ART 10-15 heeft een trekkracht van 10 ton en een lengte van 15 meter en is bestemd voor trainingsdoeleinden.

In totaal werken er nu wereldwijd bijna 50 Rotortugs, waarmee kan worden gesteld dat het door Ton Kooren uitgedacht concept zich heeft bewezen. Niet voor niets heeft dit concept diverse prijzen gewonnen, waaronder de KNVTS Ship of the Year Award in 2001 en de KVNR Award 2015.