‘Zo’n ontzettend ontwapenende man’
Havenmeester Jaap Lems is donderdag 4 maart bij zijn afscheid onderscheiden met de gouden speld van het Havenbedrijf Rotterdam en de Wolfert van Borselen-penning van de gemeente Rotterdam. Lems (64) is twintig jaar havenmeester geweest van Rotterdam, Schiedam en Vlaardingen en tevens Rijkshavenmeester. Zijn opvolger is René de Vries, afkomstig uit de gelederen van het HbR.
Havenmeester Jaap Lems kreeg een afscheidshow op de Maas. (Foto Lies Russel)
Door Lies Russel
Directeur André Toet van het HbR speldde Lems het havengoud op. Wethouder Lucas Bolsius overhandigde de zware penning die de gemeente slechts toebedeeld aan mensen met uitzonderlijke verdiensten voor de Maasstad.
Lems had al ver voor zijn afscheidsreceptie in de Cruiseterminal aan de Wilhelminakade laten weten dat hij geen speeches wilde, maar zijn president-directeur Hans Smit vroeg toch om ‘vijf minuten’. Smit: ‘Je hebt veel ontwikkelingen in gang gezet en nu ga je weg op een hoogtepunt. Je lacht altijd, maar met een ernstige ondertoon. Veiligheid staat hoog in je vaandel. Je hamert op het zorgvuldig omgaan met stoffen in de haven. De haven vaart wel bij een goed milieu- en veiligheidsbeleid. Zoals jij altijd zegt: een kapitein moet kunnen binnenvaren zonder kopzorgen.’
- Rotterdamse havenmeester Jaap Lems met pensioen
- ‘Kapitein moet binnen kunnen varen zonder kopzorgen’
Wethouder Bolsius noemde hem een ‘monument’ en roemde zijn expertise op het gebied van veiligheid en crisismanagement. Lems was onder meer betrokken bij de Stichting Zeemanshuis Rotterdam en was voorzitter van Binnenvaartbelangen Rotterdam.
Bij de vele mensen die hem de hand kwamen drukken hoorden onder anderen: burgemeester Tjerk Bruinsma van Vlaardingen (‘stad met zeehaven!’), de nieuwe en de voormalige voorzitter van regio Rotterdam-Rijnmond van het Nederlands Loodswezen, Herman Broers en Rein van Gooswilligen, de voorzitter en secretaris van de kapiteinsvereniging NVKK, Deltalinqs-voorzitter Wim van Sluis, voorzitter mr. Udo baron Bentinck van de Raad voor de Scheepvaart (Lems was daar lid), de voorzitter van de kersverse Tuchtraad voor de Scheepvaart, mr. D. Roemers, havenkunstenares Ineke Calis, voorzitter Dink Ripmeester van de Nederlandse Zeebevrachters Sociëteit, oud-havenmeester van de Botlek Koos Steentjes en hele rijen van medewerkers uit de haven.
Bouwen op water
Een van die medewerkers sprak spontaan: ‘Die Jaap is zo’n ontzettend ontwapenende man. Hoewel het helemaal zijn taak niet was, kon hij soms ook een commerciële pet opzetten. Dan hoorde hij bijvoorbeeld dat een aantal buitenlandse reders in Rotterdam niet tevreden was en wilde verkassen naar het buitenland. Die kon hij dan uitnodigen voor een tocht met het directievaartuig. Die kwamen dus heel ontevreden aan boord. Er gebeurde eigenlijk niks bijzonders, maar dankzij de aanwezigheid van Jaap gingen ze van boord met het idee dat Rotterdam helemaal fantastisch was.
‘Ook liet hij Amerikanen eens het stuk bedrijfsterrein zien waarop ze zouden kunnen gaan bouwen. Maar dat stuk grond lag toen nog onder water. Hoe kan dat nou, riepen de Amerikanen, bouwen op water, dat is toch onmogelijk? Niet in Nederland, zei Jaap, we spuiten het op en dan heb je je bedrijfsterrein. Als zulke mensen dan dieper op zaken willen ingaan, zegt hij: daar heb ik een goede medewerker voor.’
Tegen het eind van de receptie zorgde het Nautisch Overleg Operationele Dienstverleners (NOOD) voor een grote show op de Maas, met spuitende blusboten, pirouettes draaiende slepers van Smit en Kotug en voorbij snellende loodsboten. En binnen wachtte hem het shantykoor van de haven en de cabaretgroep van de Rotterdamse Reiniging. Met onder meer het lied “Joho Jaap Lems, het gezicht van de haven, joho Jaap Lems…’
Lems verlaat weliswaar zijn post, maar zijn werkgever nog niet helemaal. Hij werkt nog door aan internationale projecten die onder meer lastenverlichting voor kapiteins moeten bewerkstelligen.